Emile van der Kruk


Emile van der Kruk is een even intrigerende als eenvoudige kunstenaar. Die eenvoud, maar ook intelligentie, blijkt misschien wel het meest uit het feit, dat hij zijn atelier heeft gevestigd op het terrein waar dagelijks boomstammen worden aangevoerd en bewerkt. Hij is altijd dicht bij zijn bron. Zware machines zijn beschikbaar om vroegtijdig in te grijpen onder het toeziend oog van de kunstenaar. Intrigerend is zijn werkwijze. Zijn beelden lijken ontsproten te zijn aan een hard en zwaar leven. Het leven, zoals je het aantreft op het terrein waar de bomen gelost en bewerkt worden. Hij maakt gebruik van ronkende zaagmachines, kettingzagen om precies te zijn. Het lijkt alleen om geweld te gaan.

Emile van der Kruk weet de grofheid en ruwheid van het materiaal te treffen, maar tegelijkertijd treft hij de toeschouwer met fijnzinnigheid in vormen, lijnen en vlakken. Hij is de kunstenaar van een fijnzinnige trefzekere figuratie. Ook al is zijn materiaal plat, hij weet er een grote mate van driedimensionaliteit aan te ontlokken. Hij is een grootmeester in het gebruik van perspectief. Hij tekent het perspectief met zijn kettingzaag in het hout. Hij zet je steeds op het verkeerde been zoals de hand, die de stam van een boom blijkt te zijn.

Ondanks de verscheidenheid zijn de robuuste houten beelden van Emile van der Kruk direct herkenbaar aan de grove sporen van kettingzaag, guts en krijt van het maak-proces. Ze ogen getekend door een hard en ruw leven. Tegelijkertijd verbazen ze door een zorgvuldige, verfijnde figuratie. De combinatie van mensen, dieren en planten treft ons door hun archetypische gegevens en nieuw vrijkomende symboolkracht. Er is op een sobere, maar trefzekere manier gebruik gemaakt van effecten uit de schilderkunst, zoals perspectief, schaduwwerking en kleur.

Ondanks de materieel heftige manier van aanwezig zijn, heeft elk beeld een verstilde psychologische lading die aanleunt tegen het gedachtegoed van Jung. Veel beelden geeft hij een stoel, bank of tafel mee als verwijzing naar de psychoanalyse. Niet zelden dienen beroemde werken uit de kunstgeschiedenis als inspiratiebron.

 

Emile integreert de schilderkunst in zijn houten sculpturen. Hij schuurt en polijst het hout niet, maar gebruikt de schilderachtige kwaliteiten ervan en behoudt zo ook sporen van het maakproces. Krijttekeningen, gutssporen en inkepingen van de kettingzaag blijven zichtbaar en beperkingen van kern, noest en groeirichting buit hij uit. Verder past hij schilderkunstige technieken toe: tekening, kleur, schaduw en perspectivische verkorting. Aanvankelijk laat hij die los op stillevens die als een schilderij aan de wand moeten hangen maar ook op hazenbeelden naar Hollandse stillevens uit de Gouden Eeuw.

Met de bereikte dramatische effecten verdiept hij vervolgens een thema als de piëta. In ‘innerlijke portretten’ tracht hij de grens tussen zichzelf en de getormenteerde medemens te doorbreken: de kijker wordt geconfronteerd met een uitvergroting van de emoties van geportretteerde psychiatrische patiënten. Hij doordrenkt het hout met de ‘psychische gesteldheid’ van de geportretteerden: vandaar ‘emotioneel realisme’. (tekst naar Sya van ’t Vlie, kunsthistoricus).

Hij gebruikt ook regelmatig brons en, recenter, botten, keramiek-scherven en boeken als basis voor 3-dimensionaal werk, steeds met behoud van de emotionele lading die zijn houten beelden ook hebben.

 

Tegengestelde krachten, het mannelijke en het vrouwelijke, vrolijkheid en ernst, hulpeloze overgave en kracht, drama en humor vormen steeds een eenheid. Het sentiment wordt niet geschuwd, maar komt grotesk naar voren. Want het burleske versterkt altijd als contrast het tragische. Tragedie werkt alleen met humor. Deze indringende fictie in zijn werk noemt hij ‘Emotioneel Realisme’. Expressief en ingetogen tegelijk hebben de beelden een hoog aaibaarheidsgehalte. Zo ontwikkelde Van der Kruk vanuit het piëta thema zijn reeksen omhelzings-beelden. In deze beelden probeer ik het contact te herstellen tussen de onderdrukte animale levenskrachten van de mens aan de ene kant en de erotiek om je met de natuurkrachten in jezelf weer te verbinden aan de andere kant. We leven steeds meer in een doorgerationaliseerde wereld. Verbinding met onze beeldende oerlevenskracht is onze laatste reddingsmogelijkheid. Het thema ‘boom’ speelt een steeds prominentere rol in zijn werk. De boom staat symbool voor de hernieuwde verbinding voor de mens met zijn eigen psychische potentie verbeeld in de natuur om hem heen.

 

Emile van der Kruk heeft meerdere sculpturen neergezet die ’zwaar op de hand’ zijn. Het zijn zwaargewichten vanwege de toepassing van massieve halve boomstronken. En mentaal gezien zijn die beelden van ernst doortrokken. Van der Kruk speelt daarmee een geraffineerd spel. De massiviteit wordt met veel humor gepareerd, zowel in materieel opzicht als conceptueel. Door de grove expressie, bereikt door een speelse omgang met de kettingzaag, vindt Van der Kruk aansluiting bij een nieuwe generatie beeldhouwers die internationaal letterlijk flink aan de weg timmeren.

Op een overzichtsfoto van zijn beelden houdt van der Kruk letterlijk een bord voor zijn gezicht, en daarop staat zijn geschilderde gelaat afgebeeld. De beeldhouwer blijkt dus in zijn diepste wezen ook een schilder te zijn. Dat gebeurt niet alleen met verf, maar ook door eendimensionale uitdrukkingskracht op te roepen. Dat soort dubbele lagen is kenmerkend voor zijn sculpturen: hij speelt graag een spel met ernst en massiviteit, maar ondergraaft die eigen humor ook door soms een schrijnende ondertoon in te bouwen.

Dat soms pijnlijk uitpakkende effect heeft veel te maken met de wijze waarop Van der Kruk zijn beelden opbouwt, of beter gezegd aan de boomstam ontrukt. Want hij werkt van buiten (de huid van de stam) naar binnen en niet van de basis naar boven, zoals beeldhouwers in brons dat doen. Wat eenmaal is weggezaagd, kan niet worden hersteld. Van der Kruk zit daar overigens niet mee, hij zaagt met grote trefzekerheid en wat mislukt komt niet in het openbaar. Je ziet wel dat hij in de binnenruimte van het massieve hout een podium creëert waarop samengeperste en dus wel heel lijvige mensen plaatsnemen. Dat kan gemakkelijk anekdotisch uitpakken, maar Van der Kruk werkt zijn thema’s zo monumentaal uit dat hij zich niet hoeft te bekommeren om kritiek op dit punt.

Emile van der Kruk (1956), heeft gestudeerd aan de Kunst Academie Rotterdam en de Academie Beeldende Vorming te Amersfoort. Daarnaast studeerde hij kunstgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Zijn werk staat in een aantal publieke plaatsen bij gemeentes en in veel privé collecties in Europa. Het museum “Het Depot” in Wageningen heeft werk van Emile in de permanente collectie. Zijn werken zijn verder tentoongesteld in het Singer Museum, Gemeente Museum Kampen, en het Amersfoortse Zonnehof Museum. Een overzicht van zijn werk verscheen in ‘Emile van der Kruk’, in een als door een kettingzaag tot perspectivisch vertekend blok gesneden boek.

Meer informatie is te vinden op:  www.emilevanderkruk.nl

 

De hand maakt een schenkend gebaar

De boom groeit door de vingers.
Een hand die leven schenkt.
De boom zal ongelooflijk belangrijk worden
voor de toekomst van de mensheid.

Presentaties
Emile van der Kruk  ''
Expositie ‘Ruimte’
EXPOSITIE ‘Ruimte’  van 13 april tot en met 18 mei 2019 Emile van der Kruk, Tamara Giesberts, Hannah Blom,Peter de Graaff, Malou Nahuys, Marjan Jaspers en Anne Rose Regenboog Emile van der Kruk. Zijn robuuste houten beelden
Read More
Emile van der Kruk  'Ik'  hout
Nieuw werk van Emile van der Kruk
Meer informatie en beschikbaar werk vindt u hier
Read More
Eerder gepresenteerde werken